HET ONBESTAAND IK (13)

17-08-2015 10:55

 

 

 

HET ONBESTAAND IK ?

 

 

Als ik ben en toch niet ben

niet willend niet willen

wordend

zijnde

verwordend

met niets gekomen, met niets te gaan.

Geofferd en levend

ben ik mijzelf

vormloze vorm

enigbestaande

voorbij begrijpen:

ik ben dat. Dat ben ik.

 

Geboren en onbestaand

ongeboren en toch bestaand.

O onwerkelijke werkelijkheid!

Nimmer geworden,

ben ik dood en levend

en nimmer verwordend.

Wonderbaarlijk, zo vaardig dat ik ben:

ik ben dat. Dat ben ik.

 

HET ONBESTAAND IK (13).pdf (29,1 kB)