Het wonderlijk lichaam (1)

26-02-2013 15:13

HET WONDERLIJK LICHAAM (1)

 

Het wonderlijke lichaam

 

Stilaan, stil aan

raak ik ingebed,

in gebed

in de bedding van mezelf,

in de stroming van mezelf.

 

Ik beadem

het gewei van mijn longen

en raak, ik raak stil aan

ingewijd, in het gewijde

dat wij zijn.

Gina

 

 

Lied van de witte wolken

Naarmate ons leven steeds meer doorbeden raakt

en een verwarmende koelte doordringt tot in

al de cellen van het wonderlijke lichaam,

een verstillende helderheid de gedachten

ontnevelt en tot onvoorspelbaar heropent

en al wat voelbaar is zich vrij vertonen mag,

 

wordt ons leven sereen als een

beweging van witte wolken.

 

Dan drijven wij over en doorheen werelden

van mensen en stenen, water en vuren. Soms

bewenen wij regenend wat we beschouwen;

soms spreiden wij ons open in volle vreugde;

nimmer zijn wij bevreesd voor wat er gebeurt, voor

duister noch licht, ver noch nabij, leven noch dood.

 

Wij volgen de oplossende

wegen van de witte wolken.

 

Steeds lichter verdunnend tot hogere sferen,

trillende draden in zoemende zeeën, zien

wij scherp de iele ijdelheid van die wereld

vol verzoeking en hebben hem zo innig lief

want elke traan die wij nog plengen en elke

glimlach die gebeurt laat ons voelen : die wereld

 

dat zijn wij, meer nog nu wij zijn

als bewogen witte wolken.

 

Luk Heyligen

 

HET WONDERLIJK LICHAAM (1).pdf (20,7 kB)