KWINTESSENS (28.01) - Brahman als het Zelf

25-05-2015 18:38

 

 

 

KWINTESSENS (28.01) – Brahman als het Zelf

 

 

 

Brahman kan vertaald worden als ' groei zonder beperking '( in ruimte of tijd), dus de absoluut grootste.

Volgens de meesters van de Advaita kan met name door de Upanishaden als een geldig middel van kennis een directe perceptie van Brahman verkregen worden.

 

Brahman is de enige Werkelijkheid; het overstijgt denken, verwoorden en zintuiglijk ervaren. Het wordt beschouwd als ongebonden Wezen, eeuwig bestaande, grenzeloos in ruimte en tijd, onveranderlijk, ongerept, verstoken van kwaliteiten, hoedanigheden, naam of vorm. Het is niet aan geboorte onderworpen, afname, toename, volgroeidheid, verval en oplossing; niets is eraan gelijk of verschillend ervan. Het wordt ook wel beschreven als zuiver Weten.

 

Het wordt ook beschouwd als de doelmatige en stoffelijke oorzaak van het zichtbare universum, de aldoordringende geest van het universum, de essentie waarvan alle wezens zijn voortgekomen en waarin zij terug in opgaan. De volledige fenomenale wereld van wezens, kwaliteiten, handelingen, alle gebeurtenissen, etcetera, wordt bezien als een illusoire transpositie van het onvergankelijke substraat, dat het Brahman is.

 

De Upanishaden vereenzelvigen ook het Brahman met het Universele Zelf.

Wat Brahman, de enige Werkelijkheid, is en, nog belangrijker, wat Brahman, de enige Werkelijkheid, niet is, wordt doorheen de gehele tekst van de Ribhu Gita uiteen gezet.

 

Het begrip Brahman is zeer goed vergelijkbaar met het Chinees begrip Tao. De 'Tao Te Tjing' opent dan ook als volgt:

 

Het tao dat verwoord kan worden,

is niet het eeuwig Tao.

De naam die genoemd kan worden,

is niet de eeuwige Naam.

Zonder naam is het de oorsprong van hemel en aarde,

met naam is het de moeder van alle dingen (1)

......”

 

(1) Het benoembare Tao (lees : Brahma) als schepper heeft als substraat het onnoembare Tao ( lees : Brahman)

 

KWINTESSENS (28.01) - Brahman als het Zelf.pdf (49,8 kB)