KWINTESSENS (30.01) - Het wezen van Zijn-Bewustzijn-Zaligheid

09-06-2015 09:00

 

 

 

Kwintessens (30.01) – Het wezen van Zijn – Bewustzijn – Zaligheid

 

 

Ribhu :

Ik zeg je, er is alleen het Suprême Zelf. Ik ben louter de staat van Zijn, Zaligheid. Deze wereld is niet ontstaan, niet geschapen. Ik ben de staat van Zijn, het wezen van Bewustzijn. Ik ben mijzelf, de enige Ene. Ik existeer en straal, het enige Zijn – Bewustzijn – Zaligheid. Deze vorm is onecht, waar het dan ook het zij. Ik ben de ervaring van zuivere Existentie, het wezen van de innerlijke doordringing van alles en de aard van getuige van alles.”

(vers 30.1 t/m 30.10)

 

Als alles alleen het Zelf, Bewustzijn is – dat eeuwig, ondeelbaar, onveranderlijk is – dan kan er niets ontstaan, geschapen zijn, want dit zou inhouden dat het Zelf zichzelf geschapen zou hebben en dus niet eeuwig, ondeelbaar en onveranderlijk is. En dit zelf geschapen Zelf zou dan niet de enige Ene kunnen zijn, want het scheppen veronderstelt toch een schepper, dus het bestaan van een subject en een object, dus twee en niet één.

Ik ben de staat van Zijn”. De wereld met al zijn verschijnselen bestaat niet, de vorm is onecht. Alleen het Zelf bestaat, existeert.

 

Het bedrog van de zintuigen i.c. de geest tovert een werkelijkheid, die ook door de geleerden van de kwantumfysica vrijwel geheel en al ontsluierd is door het spreken van een veld van energie en tijdelijke verdichtingen in dit veld, aldus het idee van een vaste materie te hebben prijsgegeven.

Keer op keer herhaalt de Ribhu Gita het illusoire van de wereld die wij met onze beperkte zintuigen waarnemen en het bestaan van slechts één Werkelijkheid: het Zelf.

Logischerwijze vloeit uit het niet bestaan van de waargenomen werkelijkheid voort, dat er ook van een evolutie niet gesproken kan worden, noch van verval of van ontbinding. Toch kan de relatieve werkelijkheid niet geheel en al ontkend worden,zoals uit het volgende blijkt :

 

Dit alles is uitsluitend het Zelf; 'het bestaat, het bestaat niet' zegt men. 'Het is werkelijk, het is onwerkelijk' zegt men”.

 

 

Het bevestigen van een verschijnsel schept evenzeer onwetendheid als de ontkenning ervan; immers door het ervaren van het waarneembare ervaren wij de Onwaarneembare!

 

Ik ben Hem die het grootste mysterie van het mysterieuze is; verstoken van alle onderscheid en bestaande als het veelvoudige”

(vers 30.20 en 30.29)

 

U en ik zijn zelf het mysterie; het diep doorgronden van de vraag “wie ben ik” brengt ons onherroepelijk bij dit mysterie :

.......werkelijkheid en onwerkelijkheid overstijgend.”

 

Het beste, het middelmatige, het slechte, de vereerde, de verworpene en verachte, de wetende en onwetende zijn allen ik, Ik, het grootste en grootse Mysterie.

Ik buig voor de Meester in u”.

(zie ook Kwintessens 2.01 – Wie gij ook zijt

 

Het Zelf niet bewegend noch stilstaand.....

Isha Upanishad : Onbeweeglijk, stilstaand is het Zelf sneller dan denken en al wat beweegt.

Het mysterie van het “wetend” lichtfoton in het uitgesteld keuze experiment van John Wheeler (zie Advaita en Kwantumfysica 1 en 3)?

KWINTESSENS (30.01) - Het wezen van Zijn - Bewustzijn - Zaligheid.pdf (57,3 kB)