KWINTESSENS (8.04) - Plek noch bezit

06-08-2014 19:35

 

 

 

 

 

 

 

 

KWINTESSENS (8.04) – Plek noch bezit

 

 

 

Geen plek, waar dan ook, om te wonen. Ik heb geen bezit, niets om afstand van te doen noch om te bemachtigen. Niets van dit alles, niet in het minst.”

 

(vers 8.26 en 8.48)

 

 

Hen schenken wat ik zelf zo genereus ontvangen heb, meer moet het niet zijn. Hebben wij niet alles ontvangen, kan er ook maar iets van onszelf zijn? 'Je komt met niets, je gaat met niets' zei mijn moeder dikwijls. Dit is de zuivere waarheid : niets behoort je op enig moment daadwerkelijk toe. “

 

(Suzanne : De Clown (9) – Het al)

 

Niets is 'mijn', zelfs niet dit bestaan.

Je komt met niets, je gaat met niets, daar tussenin heb je niets, behoudens de gedachte iets te hebben.

Alle tragedie vloeit voort uit dit 'mijn' en 'ik', uit dat 'jouw' en 'gij'. En tegelijkertijd is dit 'ik' en 'gij' de kracht, de energie van het leven, de conatus of het karma (in de oorspronkelijke betekenis).

Scheppen en vernietigen in één en dezelfde Energie; hierbij kan niet langer sprake zijn van tragedie omdat het is wat het is : het mysterie van het Zelf zelf.

 

In Kwintessens (11.02) – al-beïnvloedende zal op dit aspect, dat de Boeddha benoemde als 'neti-neti' (niet dit-niet dit) of als 'niet-iets en niet-niets' , dieper ingegaan worden.

Het volstaat hier nog te wijzen op het feit, dat het benoemen van het vernietigen als kwaad en het scheppen als goed volkomen arbitrair en (al dan niet collectief) subjectief is.

 

Scheppen ís vernietigen en vernietigen ís scheppen, één ondeelbare energie.

 

 

KWINTESSENS (8.04) – Plek noch bezit

 

 

 

Geen plek, waar dan ook, om te wonen. Ik heb geen bezit, niets om afstand van te doen noch om te bemachtigen. Niets van dit alles, niet in het minst.”

 

(vers 8.26 en 8.48)

 

 

Hen schenken wat ik zelf zo genereus ontvangen heb, meer moet het niet zijn. Hebben wij niet alles ontvangen, kan er ook maar iets van onszelf zijn? 'Je komt met niets, je gaat met niets' zei mijn moeder dikwijls. Dit is de zuivere waarheid : niets behoort je op enig moment daadwerkelijk toe. “

 

(Suzanne : De Clown (9) – Het al)

 

Niets is 'mijn', zelfs niet dit bestaan.

Je komt met niets, je gaat met niets, daar tussenin heb je niets, behoudens de gedachte iets te hebben.

Alle tragedie vloeit voort uit dit 'mijn' en 'ik', uit dat 'jouw' en 'gij'. En tegelijkertijd is dit 'ik' en 'gij' de kracht, de energie van het leven, de conatus of het karma (in de oorspronkelijke betekenis).

Scheppen en vernietigen in één en dezelfde Energie; hierbij kan niet langer sprake zijn van tragedie omdat het is wat het is : het mysterie van het Zelf zelf.

 

In Kwintessens (11.02) – al-beïnvloedende zal op dit aspect, dat de Boeddha benoemde als 'neti-neti' (niet dit-niet dit) of als 'niet-iets en niet-niets' , dieper ingegaan worden.

Het volstaat hier nog te wijzen op het feit, dat het benoemen van het vernietigen als kwaad en het scheppen als goed volkomen arbitrair en (al dan niet collectief) subjectief is.

 

Scheppen ís vernietigen en vernietigen ís scheppen, één ondeelbare energie.

KWINTESSENS (8.04) - Plek noch bezit.pdf (61,5 kB)