KWINTESSENS (9.02) - Van noch in de wereld

15-08-2014 20:07

 

 

 

KWINTESSENS (9.02) – Van noch in de wereld

 

 

Voortdurend stil; stil op elke wijze in wat dan ook, zonder verschil in tijd, plaats, object en zichzelf of van welke aard ook; zonder ik-gevoelen en notie van bestaan of niet-bestaan, alleen Zijn – Bewustzijn – Zaligheid als innerlijke kern; met de geest, al het denken en zekerheid verbannen is hij het Ik, Bewustzijn en niet-Bewustzijn – ook dit onderscheid is teniet – verblijft de videhamukta in het zuivere, ware Zelf; is hij het Zelf, het niet-Zelf en het Zelf van Bewustzijn.”

 

 

In diepe meditatie kan soms een dergelijke staat bereikt worden; afhankelijk van de geoefendheid voor kortere of langere tijd.

In De Clown (5) – Buitenspel zeg je Suzanne :

Plotseling is de pijn weg en als ik mij later afvraag – maar hoeveel later, ik ben als het ware terug in het hier en nu gevallen - : waar ben ik, leef ik nog? Ja, om dat te weten wil ik de pijn weer voelen, zeker zijn dat ik niet hallucineer. Dáár is de pijn, even fel als juist daarvoor, ondragelijk. En opnieuw ga ik met al mijn aandacht naar de pijn, die even plotseling als die teruggekomen was weer verdwijnt! Enige keren gaat dit zo, pijn en geen pijn, pijn en geen pijn, tot ik tenslotte door ongeoefendheid de concentratie verlies en de pijn definitief blijft, zij het verdraaglijk.”

 

Will :

Plotseling is de pijn weg en later : waar ben ik? Wanneer heb je ervaren dat de pijn weg was Suzanne?”

 

Suzanne :

Het was een vaststelling achteraf, op het moment dat ik weer ' terugkeerde ' in het hier en nu. Gedurende enige tijd – ik had geen enkel besef van tijd – was er geen denken, geen object pijn, geen notie van mijzelf, geen ik-gevoelen, geen besef van bestaan of niet-bestaan. Ik kan niets zeggen over het ervaren van een Zijn , Bewustzijn en Zaligheid. Maar onmiskenbaar was het een staat van zijn waarin ik volledig ' verdwenen ' was en toch niet verdwenen, waarin niets ervaren werd en toch sliep ik niet, was ik niet bewusteloos of in coma, want het fenomeen herhaalde zich zodra ik mij opnieuw concentreerde.

Ik kan mij die staat van zijn door de videhamukta op deze punten goed voorstellen; ook op het punt van ' alle zekerheid verbannen ' , want later ( zie De Clown (6) - Poppenspel ) heb ik die enorme geborgenheid mogen voelen, de verbanning van alle zekerheid, maar ook alle onzekerheid. Zekerheid en onzekerheid zijn begrippen van een denkende geest, gevoelens die door ervaringen of gedachten worden opgeroepen, maar in die andere staat van zijn volledig onbestaande zijn. Ook hier heb ik de ervaring alleen maar achteraf kunnen benoemen.

Het zijn ervaringen die mijn zienswijze over de geest en het denken helemaal gewijzigd hebben, bewustzijn is meer dan geest en denken.”

 

Will :

Iets van de Tao, Te, Tjing schemert door in : “.....is hij het Zelf, het niet-Zelf en het Zelf van Bewustzijn.”“ als gezegd wordt “ Het tao dat benoemd kan worden is niet het eeuwig Tao “ Hier zijn Zelf en Tao synoniemen voor een niet-Benoembaarheid.

 

Suzanne :

Die staat van zijn heb ik achteraf benoemd naar wat ik achteraf beschouw als een beste daarmee overeenkomend gevoel van geborgenheid en intuïtief weten :

' vandaar kom ik, daarin verblijf ik en daarheen keer ik terug ' .”

 

KWINTESSENS (9.02) - Van noch in de wereld.pdf (62,3 kB)