REFLECTIE CLOWN (9) Het al

05-04-2013 20:08

REFLECTIE CLOWN (9) Het al

 

 

In dit relaas van Suzanne maakt zij duidelijk een allusie op een logion uit het Thomas-evangelie: “ Ik ben het al, het al is uit mij voortgekomen en het al heeft mij voortgebracht” (logion 77).

Zonder een toelichting vanuit de Advaita/Vedanta, is het gedeelte - waar Jezus spreekt in de tegenwoordige tijd en dan zegt “ het al is uit mij voortgekomen”- niet logisch.

U bent niet geboren noch zult u sterven...........”

...........Noch u noch ik hebben naam en vorm.”

(Avadhuta Gita verzen 1.13 respectievelijk 1.17)

De Advaita ziet als enige echte werkelijkheid het eeuwigdurend Bewustzijn dat aldoordringend en alomvattend is; er is niets buiten Dat en dat zijt gij.

 

Maar wat een vreugde spreekt uit Suzannes ervaren dat niets haar toebehoort en het besef dat alles haar geschonken werd om door te geven, dat alles bestaat door en uit alles. En dat dit zo concreet, zo aards te ervaren is.

Het vraagt enige moeite om daadwerkelijk tot het besef en erkenning hiervan te komen. Zelfs de eigen inspanning draagt geen eigendomsrecht in zich, de fysieke en mentale energie hiertoe werden geschonken. Hoe zou überhaupt zelfs van geschenk gesproken kunnen worden als het begrip “ik” geen werkelijkheid is, maar zuiver een mentaal begrip?

Hoeveel lijden ligt er niet ten grondslag aan het idee van ik en bezit?
In dit verband is er in de moslimtraditie een parel van een uitspraak te vinden die aan Jezus toegeschreven wordt:

Gij zult niet bekomen dat wat gij verlangt anders dan door te lijden onder dat wat gij niet verlangt.”

 

Als dit ik-besef wegdeemstert ontstaat de ruimte om alles te aanvaarden zoals het is.

Dit is ook duidelijk merkbaar in Suzannes relaas “onvolmaakt”. Er hangt de vraag van het waarom, tegelijkertijd is er de vreugde om clown te zijn en de dementie en mentale beperking te omhelzen. Ik en de ander, ik en het andere scheppen een gescheidenheid , een dualiteit. Een dualiteit die in het geval dat men de veroorzaker daarvan is, een gevoel van afkeer en afkeren geeft naar het onvolmaakte; in het geval dat men het onvolmaakte ondergaat, een gevoel van eenzaamheid en niet geborgen zijn geeft.

Wanneer wij ruimte zijn kan alles op een spontane en natuurlijke wijze bestaan en zich ontplooien.

 

REFLECTIE CLOWN (9) het al.pdf (40,2 kB)