Spinoza en Advaita (7) ratio in intuItie

29-01-2013 20:35

SPINOZA EN ADVAITA (7 ) ratio en intuïtie

 

Als volgende parallel tussen beide filosofieën wordt uitgediept dat beide als uitgangspunt nemen de eigen rede, ratio en daarvan uit, komen tot een supra rationaliteit of diep intuïtief weten. De Advaita kent daarnaast nog als bron de geschriften, maar de eigen ratio en vervolgens het intuïtieve staan met stip op de eerste en tweede plaats.

Grondslag is het minutieus en objectief waarnemen van de verschijnselen die zich aan ons voordoen. Hierbij is het direct voor de hand liggende en altijd bij de hand zijnde object het zelf, het ik.

Uit de stellingen van Spinoza – aandoeningen, geen individualiteit, van uiterste ratio naar intuïtief weten, de spontane deugd generositas - kan genoegzaam worden afgeleid dat ook Spinoza zichzelf in belangrijke mate tot object van onderzoek heeft genomen.

Dit is ook voor de hedendaagse vorser een cruciaal punt; leringen ondersteunen, maar het echte weten vloeit voort uit ervaren, een gevoeld ervaren. Het geschrift schept, behoudens als bevestiging van dat wat reeds ervaren is, nimmer de gevoelde ervaring. Het onderzoek naar zichzelf – wie ben ik – is voor de rationeel ingestelde mens een conditio sine qua non.

Vanuit het rationele ontstaat in beide filosofieën het intuïtieve weten. Het is paradoxaal dat langs het doorgronden van het ik, tot een inzicht,een besef gekomen wordt dat er geen eigenheid bestaat. Er is slechts één methode om de illusie van deze paradox teniet te doen en dit besef van een ontbrekende individualiteit te ervaren: het doorgronden van dit zelf, het ik!

Onomwonden wordt dit verwoord in logion 67 van het Thomas-evangelie: “Hij die alles kent maar niet zichzelf, blijft volkomen in gebreke.”

 

Uiterst rationeel – als een getuige - onophoudelijk gadeslaan van gedachten, gevoelens en handelen; ervaren dat men zichzelf niet kent zoals gedacht. Een onbarmhartig eerlijk proces dat uitmondt in een echt kennen van zichzelf én de ander, van waaruit spontaan de generositas zal opwellen door begrijpen, alsook een blijmoedigheid en misschien de kers op de taart: gelukzaligheid.

Kortom het rationeel kennen van zichzelf leidt tot alles wat gekend moet worden; er is niets buiten dit zelf.

De methodiek van Spinoza wijkt niet af van die van de Advaita en bij monde van Ramana Maharshi meer dan krachtig aanbevolen werd, als het ware op één lijn gesteld werd met het logion uit het Thomas-evangelie. Een methodiek van uitzuiveren van het verstand, de geest, het centrum van het ik, door een aanhoudend spiegelen, reflecteren. Dit voert uiteindelijk naar een verstilling, omdat het wéten niet het denken is.

Op natuurlijke wijze ontstaat zonder God of religie, gebod of verbod een diep religieus besef en respectvol leven in een volkomen handelen naar al wat leeft, beweegt en is.

Eenvoudig , maar men is er voor de rest van het leven mee bezig.

Beide filosofieën voeren naar hetzelfde doel, mits de “methodiek” beleefd en geïntegreerd wordt. Steeds opnieuw komt het kernpunt naar voren: het zelf, ik. Reden genoeg om in de komende publicaties hierop te focussen als object van aandacht, caute.

 

Spinoza en Advaita (7) ratio en intuïtie.pdf (40,6 kB)