SYNTHESE (3.07) Ken je zelf - geen ik

11-06-2013 11:46

SYNTHESE (3.7) Ken je zelf – geen ik

 

 

Uit Arnolds bijdrage van zijn meditatie over sterven ( zie SYNTHESE 3.2 en volgende ) werden de volgende zinnen ontleend.

 

Keuzeloos bewust zijn van leven en dood, twee onlosmakelijke facetten van een mysterie. Het is onmogelijk in vrijheid te kiezen voor alleen het leven. Het is onmogelijk alleen te kiezen voor bezit, voor gezondheid, etc.

 

Niets ben ik, niets heb ik. Ik heb alleen gedacht dat ik ben en heb.”

 

 

In Suzannes bijdrage 'Het al' (DE CLOWN (9)) citeerde Suzanne haar moeder: “met niets kom je en met niets ga je”.

Hier wordt duidelijk echter alleen gerefereerd naar de twee meest unieke momenten in het leven: geboorte en dood.

Maar in feite is er op ieder ondeelbaar moment niet iets dat men ik kan noemen en iets dat in bezit is, het berust louter op een gedachte, een illusie dat er een ik is en dus ook iets heeft.

Geen enkel moment kan gezegd worden 'ik doe mij leven'. Integendeel, er is een Kracht die, dat wat 'ik' genoemd wordt, doet leven, en doet sterven als deze Kracht wegvloeit. Geen moment kan ik dus ook zeggen 'ik leef' of 'ik heb geleefd'. Het is dan ook onmogelijk in vrijheid voor het leven te kiezen (en of een zelfdoding wel een keuze in volle vrijheid genoemd kan worden is twijfelachtig).

Geen ik, wat is er dan wel? Want niet ontkent kan worden dat er iets is, ook al kan dat geen ik genoemd worden. Omdat dit iets niet benoembaar is kwam de Boeddha tot de uitspraak 'neti neti' , 'niet dit, niet dit'.

Ieder ondeelbaar moment doet deze Kracht een cel leven en een ander sterven (micro kosmisch), ieder moment een lichaam leven en sterven (macro kosmisch) een deeltje ontstaan en een deeltje vernietigen (subatomair).

 

Hij die komt en Hij die gaat – Tathagata, zo sprak de Boeddha over zichzelf.

 

Niets is van Mij en toch is er niets zonder Mij “ ( Ashtavakra Samhita vers 2.2)

....nergens heengaande, nergens vandaan komende, het al, het universum doordringende, verblijf Ik.” (Ashtavakra Samhita vers 2.12)

 

Eenheid en gescheidenheid bestaan niet met betrekking tot u noch tot Mij” (Avadhuta Gita vers 1.15).

 

Ik ben in de Vader en de Vader is in mij; het is de Vader die door mij de werken verricht” (Joh. 14.10).

Het teken van de Vader in jullie is beweging en rust” (logion 50 Thomas-evangelie)

 

Inderdaad, dit onophoudelijk komen en gaan van Kracht in het meest ondeelbare moment is als beweging en rust tegelijkertijd.

Is dit precies wat Suzanne in “De clown is dood, leve de clown” (DE CLOWN 10) heeft mogen ervaren? Haar verwoording wijst toch sterk in die richting ( Suzanne zelf is uiterst terughoudend in een eventuele bevestiging hiervan ) :

 

Jullie dachten Suzanne de clown gezien te hebben, in werkelijkheid was ik nimmer daar.

Mijn handen en voeten zijn Zijn penselen en mijn rode neus Zijn verf tot jullie troost en vreugde. Met niets ben ik gekomen, met niets zal ik gaan; het was een illusie dat ik ooit iets ben geweest of heb gehad.”

 

Het op basis van inzicht weten dat er geen ik of individualiteit bestaat en geen vrijheid van keuze, is een bevrijding van het keurslijf ik! Alleen door het gaan van de weg van het kennen van het zelf (“wie ben ik?”) kan men tot deze ervaring komen ; ieder ander zal met afschuw op deze ideeën reageren.

 


SYNTHESE (3.07) Ken je zelf - geen ik.pdf (64,8 kB)